Eenheid
Openbaring
De Wegrukking
The Rapture
ACTUEEL
Risicoanalyse
TIK, TIK, TIK...
Oproepen
3 in 1 ?
Vergeving
Wet en Genade
Werken
Leiderschap
Tienden
Valse profeten

Wet en Genade

GENADE EN WET

Het is bijna niet te bevatten dat het vraagstuk omtrent genade en wet ook heden een vraag is die de onderlinge relaties en de eenheid tussen christenen nog steeds onder druk zet.

Reeds vroeg in het NT, in het vijfde hoofdstuk van Mattheüs doet onze Here Jeshua Jezus uitspraken die alle verdeeldheid had kunnen voorkomen wanneer wij dit onderwijs als christenen ter harte hadden genomen.

Ook nu kunnen wij dat alsnog doen en daarmee een stuk verdeeldheid binnen het lichaam van de Christus opheffen. Een verscheurdheid genezen en veel twist overbodig maken.

Matteüs 5:18 Want voorwaar, Ik zeg u: Eer de hemel en de aarde vergaat,zal er niet één jota of één tittel vergaan van de wet, eer alles zal zijn geschied.

Matteüs 5:19 Wie dan één van de kleinste dezer geboden ontbindt en de mensen zo leert, zal zeer klein heten in het Koninkrijk der hemelen; doch wie ze doet en leert, die zal groot heten in het Koninkrijk der hemelen.

Het valt uiteraard op dat dit gezien de verwoording niet over de twee grote geboden kan gaan waarin alle geboden door de Christus zijn samengevat in termen van liefde.

Wat mogen wij verder leren uit deze verzen?

a. Zij zijn gericht aan alle gelovigen. De toekomstige Koninkrijksbewoners worden hier aangesproken. Groot en klein.

b. Er is genade voor hen die de wet niet doen en leren. Weliswaar zullen zij zeer klein heten in het Koninkrijk maar ook zij zullen daarin hun plaats krijgen.

c. Het houden van de wet is geen afwijsbare zaak die automatisch een etiket van afwijsbaar Farizeeërschap verdient. Integendeel. Zij die zich aan de wet houden en deze leren zullen groot heten in het Koninkrijk. Het blijkt er in alles om te gaan vanuit welke houding de wet wordt gehouden.

d. Deze uitspraken van Jeshua Jezus hebben geldingskracht tot aan het moment van de nieuwe schepping. De wet heeft geldingskracht tot aan het nieuwe Jeruzalem.


IS HET EEN SCHANDE ZEER KLEIN TE HETEN?

Nee, het is geen schande zeer klein te heten in het Koninkrijk. Vergelijk maar eens met het volgende:

Matteüs 11:11 Voorwaar, Ik zeg u, onder hen, die uit vrouwen geboren zijn, is er niemand opgestaan, groter dan Johannes de Doper, maar de kleinste in het Koninkrijk der hemelen is groter dan hij.

Het vanuit uw hart voldoen aan de wet is een duidelijke zaak voor iedereen die gezegend is met de Geest. Zij die de liefde najagen zullen vanuit hun hart zich aan de geboden houden en dit uit hun werken doen blijken.

Wanneer wij ons echter ook vanuit ons verstand over dit vraagstuk buigen wordt er duidelijk dat dit voor één gebod in het bijzonder geldt. Het sabbatsgebod.

DE SABBAT

Als vierde gebod is de sabbat min of meer verdwenen uit het rijtje van de tien die wij als vanouds in het OT mochten lezen.

Het woord sabbat is vervangen door de uitdrukking "dag des Heren" in de nieuwere vertalingen van de Bijbel. En dat door de invloed van de geloofsstromingen die de zondag als zodanig zien en ingesteld hebben als rustdag. De RKK en diegenen die zich daar mee verbonden hebbben door (de voornaamste van) haar geloofsartikelen te onderschrijven.

Nu is het voor diegenen die wat onderzoek over de RKK achter de rug hebben duidelijk dat deze kerk de oppositie tegen het rechte geloof belichaamt. Om een levende relatie met Jeshua Jezus en de Vader zoveel als maar mogelijk te verhinderen en toch zelf nog voor christelijk door te kunnen gaan.

Wel, wanneer de RKK zo een moeite doet/heeft gedaan dit gebod te verdoezelen dan moet het toch wel erg belangrijk zijn.

Verassend is het echter te mogen constateren dat men in de charismatische bewegingen, die wel heftig de levende relatie met de Christus propageren, op dit punt even makkelijk voorbijgaat aan de woorden en het onderwijs van de Christus.

Daar wordt men steevast als "wettisch" en heulend met de Farizeeën bestempeld wanneer men het houden van de wet (vooral als de sabbat genoemd wordt is de kerk te klein!) ter sprake brengt als een Bijbels verantwoorde bezigheid. Dan wordt men bedolven onder uitspraken van Paulus die op zich niet tegen de wet geuit zijn maar deel van zijn uitgebreide argumentatie vormen tegen het houden van de wet als rechtvaardiging naar God toe.

Twee diametraal opposiete stromingen die het uiteindelijk toch roerend met elkaar eens zijn over de wet. De ene stroming die de wetten als vervangen ziet door de genade en de andere stroming die de wet doctrinaal en buiten-Bijbels heeft veranderd.

En het onderwijs van de Christus staat buitenspel.

Kan het nog gekker worden?

Shalom

Ger Groenhart  11-06-2009

 

 

 

WET EN  GENADE.                                                                             

Mattheüs 5:17 Meent niet, dat Ik gekomen ben, om de wet of de profeten te ontbinden; Ik ben niet gekomen, om die te ontbinden, maar te vervullen.

Mattheüs 5:18 Want voorwaar zeg Ik u: Totdat de hemel en de aarde voorbijgaan, zal er niet een jota noch een tittel van de wet voorbijgaan, totdat het alles zal zijn geschied.

Mattheüs 5:19 Zo wie dan een van deze minste geboden zal ontbinden, en de mensen alzo zal geleerd hebben, die zal de minste genaamd worden in het Koninkrijk der hemelen; maar zo wie dezelve zal gedaan en geleerd hebben, die zal groot genaamd worden in het Koninkrijk der hemelen.

Mattheüs 5:20 Want Ik zeg u: Tenzij uw gerechtigheid overvloediger zij, dan der Schriftgeleerden en der Farizeeën, dat gij in het Koninkrijk der hemelen geenszins zult ingaan.

Deze woorden van Yeshua volgen op de zaligsprekingen.

Mattheüs 5:3 Zalig zijn de armen van geest; want hunner is het Koninkrijk der hemelen.
Mattheüs 5:4 Zalig zijn die treuren; want zij zullen vertroost worden.
Mattheüs 5:5 Zalig zijn de zachtmoedigen; want zij zullen het aardrijk beërven.
Mattheüs 5:6 Zalig zijn die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid; want zij zullen verzadigd worden.
Mattheüs 5:7 Zalig zijn de barmhartigen; want hun zal barmhartigheid geschieden.
Mattheüs 5:8 Zalig zijn de reinen van hart; want zij zullen God zien.
Mattheüs 5:9 Zalig zijn de vreedzamen; want zij zullen Gods kinderen genaamd worden.
Mattheüs 5:10 Zalig zijn die vervolgd worden om der gerechtigheid wil; want hunner is het Koninkrijk der hemelen.
Mattheüs 5:11 Zalig zijt gij, als u de mensen smaden, en vervolgen, en liegende alle kwaad tegen u spreken, om Mijnentwil.

Vergelijk:

Psalm 1:1 Welgelukzalig is de man, die niet wandelt in den raad der goddelozen, noch staat op den weg der zondaren, noch zit in het gestoelte der spotters;
Psalm 1:2 Maar zijn lust is in des HEEREN wet, en hij overdenkt Zijn wet dag en nacht.
Psalm 1:3 Want hij zal zijn als een boom, geplant aan waterbeken, die zijn vrucht geeft op zijn tijd, en welks blad niet afvalt; en al wat hij doet, zal wel gelukken.

Een psalm van David die, hoewel hij de wetten van God geheel toegedaan was, zo vaak gestruikeld is over de onmogelijkheid deze onder alle omstandigheden te houden. Het was zijn taak als koning om de wet te handhaven of daar toezicht op te houden. Levend met deze tegenstelling was hij vaak verbroken en in rouw over zijn daden. Toch prees God zelf hem nog aldus in de tijd van Jerobeam.

1Koningen 14:8 …… en gij niet geweest zijt, gelijk Mijn knecht David, die Mijn geboden hield, en die Mij met zijn ganse hart navolgde, om te doen alleen wat recht is in Mijn ogen;…………

Leven met tegenstellingen is ook vandaag iets waar wij veel mee te maken kunnen krijgen bij het overdenken van het geschrevene in de Bijbel.

Mattheüs 5:20 Want Ik zeg u: Tenzij uw gerechtigheid overvloediger zij, dan der Schriftgeleerden en der Farizeeën, dat gij in het Koninkrijk der hemelen geenszins zult ingaan.

Dit is (evenals met al het andere geschrevene in de Bijbel) een overdenking waard. Na de zaligsprekingen blijkt uit vers 20 dat zij die de wet kennen en leerstellig anderen er toe aansporen deze te houden (één van de kenmerken van farizeeërs en schriftgeleerden) wel het toppunt van gerechtigheid dienen te bereiken voordat zij een kans hebben om in het Koninkrijk in te gaan. Zo zou dit vers ook uitgelegd kunnen worden. Zeker door degenen die zich afzetten tegen wat zij “wettisch” en oudtestamentisch noemen. Zij lezen voor het gemak maar over teksten als deze heen.

Mattheüs 5:19 Zo wie dan een van deze minste geboden zal ontbinden, en de mensen alzo zal geleerd hebben, die zal de minste genaamd worden in het Koninkrijk der hemelen; maar zo wie dezelve zal gedaan en geleerd hebben, die zal groot genaamd worden in het Koninkrijk der hemelen.

De zaligsprekingen die er aan voorafgaan verhelderen alles. Wel de geboden doen en aan anderen leren maar er geen rechtsspaak over die anderen aan verbinden (gerechtigheid uitoefenen), en met de gezindheid die uit de verzen 3 tot en met 11 spreken in de wereld staan geeft ons een zekerheid.

De genade van onze Heer wordt kenbaar in het feit dat al onze overtredingen, van de kleinste inzettingen tot aan de grote (tien) geboden vergeven worden bij het aannemen van deze genade en de erkenning van Zijn offer voor ons als Zoon van God.

Het zijn beloften waar we op mogen rekenen. Onze toekomstige Koning, huidige Herder en Vriend Yeshua Jezus Christus heeft ze aan ons gedaan. 

Opmerkelijk is het dat practisch alle christenen weten dat er daarna nog steeds zonde is die beleden dient te worden, maar toch denken dat alle wetten als zodanig reeds vervuld zijn. Een juiste opvatting in deze is de wetten te eren, omdat zij ons beschermen als wij ons er aan houden. Niet onze behoudenis, maar het onderscheid tussen groot en klein is daarmee verbonden. En tevens is het een bescherming voor ons vlees. Dat de satan de aanklager is van de christenen is meestal wel bekend maar niet velen beseffen daarbij dat dit op basis van overtreding van God's wetten gebeurt.

De Wet is niet ontkracht door de geboden van Liefde. De Wet is als regerend principe op de tweede plaats terechtgekomen door de Genade.  De Genade die  ingang heeft kunnen vinden door het offer van Yeshua aan het kruis. Het door Hem gestorte bloed.

Dat was weer een vereiste om aan het in de Wet gestelde slachtoffer te kunnen voldoen. Deze vervulling van de wettelijke vereiste is weer ontsproten uit de Liefde van God voor zijn schepping.

Dat er in het O.T. ook sprake van genade in een andere vorm (offers van dieren) geeft aan dat er niet plotseling iets nieuws geïntroduceerd is door het offer wat die genade ook voor ons beschikbaar heeft gemaakt.

De Genade  voor het volk in de woestijn werd wel verbonden aan de instelling van het slachtoffer. Vergelijk ook het bloed aan de deurposten van de woningen in Egypte zodat de plagen die de Egyptenaren troffen aan de Israëlieten voorbijgingen.

Ergo: de Wet beslist niet meer over leven of dood, daar wij door de Genade tot leven geroepen zijn. Dat is het directe gevolg van het erkennen van en het aanroepen van Yeshua Jezus Christus als Zoon van God. Omdat Hij het Wettelijk vereiste offer heeft vervuld. Dat dit geheel uit Liefde is voortgekomen, daaruit kunnen wij JHWH kennen.

Wij kunnen Hem ook kennen uit Zijn wetten. Veel diepgaander zelfs. Zijn wetten zijn heel wat meer gedetailleerder dan wat wij ons ieder voor zich bij het begrip Liefde voorstellen. Daar zijn nog wel eens wat persoonlijke opvattingen in terug te vinden.

Shalom

G.W.Groenhart
_________________


 

 

|Eenheid| |Openbaring| |De Wegrukking| |The Rapture| |ACTUEEL| |Risicoanalyse| |TIK, TIK, TIK...| |Oproepen| |3 in 1 ?| |Vergeving| |Wet en Genade| |Werken| |Leiderschap| |Tienden| |Valse profeten|